Bezittingen
d e abdij had als eerste bezittingen de schenkingen van de Berthouts. We vinden in een oorkonde van 1132, waarvan de integrale tekst hier opgenomen is. Bezittingen die hier vermeld werden waren het altaar van Wemmel en zijn afhankelijkheden Berchem, Relegem en Ramsdonk, het altaar van Meise met zijn afhankelijkheden Oppem en Rode en het altaar van Strombeek. Een abdij leeft volledig van zijn inkomsten, die zij ook nodig heeft voor bouw en onderhoud van gebouwen en indien nodig voor hulp aan de dorpsinwoners. De abdij van Grimbergen was zelfs op haar hoogtepunt een rijke gemeenschap. De abdij had dan ook heel wat bezittingen, die uitgespreid waren. Zo krijgen zij oorspronkelijk van de Berthouts gronden in Rumst, Neder-over-Heembeek en Brussegem voor de kerk van Strombeek, die van hun afhing. Verder nog gronden en bos te Edingen, Beigem en Ossel. Humbertus (de eerste abt) had een Norbertissenklooster gesticht te Nieuwenrode en na de verdwijning van dit klooster verkreeg de abdij van Grimbergen dus via een omweg de kerk van Ruisbroek-aan-de Schelde.

De kapel van AmelgemCharleroy HoeveRefugiehuis te Brussel

De kapel van Amelgem | Charleroy Hoeve | Refugiehuis te Brussel

in 1135 werden zelfs enkele kloosterlingen naar Veurne gestuurd om aldaar een abdij te stichten, de abdij van Veurne is dus een lange tijd afhankelijk geweest van de van Grimbergen. Later verkregen zij nog gronden en molens te Strombeek en te Mark bij Edingen. Verder bezaten zij ook een refugiehuis te Brussel warheen het volledige klooster zelfs vluchtte en regelmatig gebruikte als schuiloord om aan de oorlogsellende te ontkomen die er regelmatig in en rond Grimbergen heerste. Het nadeel van dit uitgebreidde bezit is echter dat er vooral na een oorlogsperiode heel wat zware schattingen betaalt moesten worden, zoals in 1586 toen er grote bedragen moesten betaald worden (of in natura) voor de gronden in Mark, Hove en Klein-Edingen. Vanaf 1615 kende de abdij weer een voorspoedige periode en toen werden dan ook de kerk van Nieuwenrode en de kapel van Amelgem herbouwd en nog later een nieuwe pastorie voor Ruisbroek. Voor al deze bouwwerken bezat de abdij dan ook enkele scheisputten of steengroeven. Tenslotte waren er nog heel wat kerken van de abdij afhankelijk zoals de kerken van Borgt, Oppem en Relegem.


oorkonde